Samuël, een zoon der Wet
66) Hij beweerde thans, dat het nu reeds hier een paradijs was en hij maakte daar nog allerlei grapjes over. Zij volgde zijn praatjes met een lach om haar mond, maar ook haar hart lachte daarbij, want zij gaf hem gelijk. Het kwam er alleen maar op aan, hoe je de d ...
Samuël, een zoon der Wet.
77.Nu vloog Samnuël in ontoombare woede overeind uit zijn bank, en riep hij uit volle macht : ,,God liegt nooit ! Maar die man daar liegt wèl !"Hij wou dat heel hard en luid roepen, maar de opgewondenheid, waarin hij verkeerde brak z'n stem en maakte haar zo goed als klankloos ; zij ...
Samuël, een zoon der Wet.
75)Hoe was dat toch geweest bij de zijnen in Rusland ? Zij hadden een diep gemoedsleven gehad in hun gezinnen en in hun verborgen verbinding met God, maar in hun beroepsleven, temidden van vijandige volkeren, waren zij altijd één en al berekening geweest! De tegenstellingen bleven onverzoe ...
Samuël, een zoon der Wet
146) „Houdt op !" riep Mandel, en stelde zich met een sprong naast hem. „Ik ga naast hem staan, en wie hem nog durft gooien, zal het zich beklagen. — Hij heeft niets gedaan, wat straf zou verdienen !" „Ik ken hem niet langer", zo kwam er nu weer over de beven ...
Samuël, een zoon der Wet
91) Er kwamen woestijn-bedouïenen, die met hun weidende kamelen en hun tenten in onbebouwd land rondtrekken, soms tot aan de zeekust. Zo wachtten zij dan hier op de bode uit het binnenland van Arabïe, die dag en nacht doorjoeg om hun de boodschap te brengen, dat he ...
Samuël, een zoon der Wet
55) Ik heb nooit gezien, dat de onzen in Rusland zich hebben verheugd over regen en zich in het algemeen veel aantrokken van het weer, en ook niet van de groei. Wij zjjn hier pas recht op de aarde. Dit zei Samuel langzaam, als een gedachte, die eerst nu bij hem opk ...
Samuël, een zoon der Wet.
80)„Nu, zoiets bedoel ik juist ! Maar- het is voor mij alleen te zwaar — zó vol is het. Het is een fijn zaakje ! Met mijn ouwe heer is niets te beginnen, die heeft daar geen verstand genoeg voor, — en er is ook verder onder mijn volkje geen een daarvoor geschikt, die kerels wroeten-al-maar ...
Samuël, een zoon der Wet.
Of men zoo een korten tijd gezeten had, of langer, — wist niemand van de slapenden, toen zij opeens opschrikten. Mandel was met een doffen dreun van zijn stoel gevallen — hij had geen tafel gehad om met zijn bovenlijf op te liggen, en hij had zijn verwonden arm ook niet kunnen ondersteunen. Hij w ...
Samuël, een zoon der Wet
71) Ik had eigenlijk nóg iets te zeggen, maar dat laat zich haast niet onder woorden brengen. Ach, toen hij voor het eerst mij op mijn arm eens goed en rechtuit aankeek, deed hij dat met een vreemde blik als vanaf een ver verwijderde hoogte. Hij is altijd goed en g ...
Samuël, een zoon der Wet.
13„God van Israël! Ik ben toch niet gek geworden op de reis? Zij spreken onze taal, en zij houden den Sabbat, — en wat zingen zij dan ? Ik ben een arme, oude vrouw, maar mijn gehoor is toch nog goed. Ik hoor scherp, — ik hoor al uit de verte, of er een zwaluw vliegt, of een mees. Maar jij ...